Overige ziekten

Hieronder behandelen wij enige specifieke ziekten, zonder volledig te kunnen zijn.

Bloedziekten

Sommige bloedziekten vormen een risico op hoogte. Raadpleeg altijd de arts. De meest voorkomende ‘bloedziekte’ is bloedarmoede. Die kan meestal goed bestreden worden. Vooral vrouwen die vaak en/of veel menstrueren kunnen hun bloedgehalte beter tijdig laten onderzoeken

Voor artsen

Abnormaal of te weinig hemoglobine

De op hoogte door afnemende partiële zuurstofdruk veroorzaakte weefselhypoxie vormt de basis van alle onderdelen van het hoogteziektesyndroom. Elke bloedafwijking die een verminderde binding dan wel afgifte van zuurstof met zich meebrengt vormt daarom een contra-indicatie, zeker wanneer men fysieke prestaties moet leveren. Anemie dient tijdig te worden behandeld. Sikkelcellen zijn niet bestand tegen hypoxie, ook heterozygote patiënten lopen een groter risico op crises.

Stollingsstoornissen

Dehydratie, inactiviteit en polycythemie vormen de belangrijkste risicobronnen. Dehydratie, die het gevolg is van de droge lucht, excessieve inspanning, en onderdrukking van het dorstgevoel komt op hoogte zeer veel voor. Vaak staat daar extra beweging tegenover, zodat het van de aard van de problematiek en het soort verblijf afhangt welk advies aan een patiënt gegeven moet worden. Zo zullen varices minder risico veroorzaken tijdens een trekking op hoogte dan tijdens een lange busreis met gedwongen inactiviteit.

Er zijn beperkte aanwijzingen dat langerdurend verblijf op hoogte tot een verhoogde incidentie van herseninfarct leidt, waarbij polycythemie al dan niet in combinatie met dehydratie de belangrijkste risicofactor is. Patiënten met een verhoogd risicoprofiel moeten zich van dit risico bewust zijn, en hun moet met klem worden aangeraden de vochtbalans zeer goed op peil te houden door veel te drinken. Op hoogte en vooral in samenhang met inspanningen en extreme omgevingstemperaturen is dat voor veel mensen een zware opgave. Dit drinkadvies geldt overigens voor iedereen. Het gebruik van bepaalde anticonceptiva zou theoretisch een extra risico op trombose kunnen inhouden. Cijfers in deze ontbreken, maar er is evenmin casuïstiek die doet vermoeden dat dit een reëel risico is. Vrijwel geen enkele hoogteziektedeskundige zal daarom aanraden tijdelijk te staken met of te veranderen van de gebruikte anticonceptiemethode voor een meestal maar korte vakantieperiode.

Diabetes Mellitus

  1. Mensen met diabetes mellitus(suikerziekte) kunnen meestal heel goed de hoogte in. Zij moeten dan wel op de volgende punten letten.
  2. De bloedsuikermeters zijn op hoogte vaak erg onbetrouwbaar, vaar er dus niet alleen daarop.
  3. Het energiegebruik en vaak ook je dieet veranderen sterk, dus je behoefte aan insuline of bloedsuikerregulerende middelen ook, houd daar rekening mee. Je energiebehoefte is veel groter, dus vaker eten!
  4. Insuline en glucagon kunnen bevriezen, houd ze dus vorstvrij, ook in de nacht. Ook te warm is niet goed, houd deze middelen dus uit de zon.
  5. Je vochtbalans is toch al kritisch op hoogte, dus drink vooral genoeg!

Mensen met een instabiele diabetes (bij type 1, de vorm die je vaak al op jonge leeftijd krijgt, komt dit nogal eens voor) moeten niet zomaar aan een zware trekking beginnen. Alleen als je zelf buitengewoon goed weet om te gaan met sterk wisselende bloedsuikers, is een trekking mogelijk. Ga dan niet naar gebieden waar medische hulp niet snel bereikbaar is.

Enkele aandachtspunten

  1. Symptomen van hoogteziekte en hypo- en hyperglykemie kunnen op elkaar lijken (hoofdpijn, licht in het hoofd, misselijk, braken)
  2. Gebruik van acetazolamide door diabetici (Diamox) kan de herkenning van hypoglykemie bemoeilijken (paresthesieën) en metabole acidosis bevorderen of versterken
  3. Gebrek aan eetlust leidt tot minder insulinebehoefte, maar regulering is lastig; risico op hypo- of hyperglykemie.
  4. Hypo’s kunnen, na een zware dagtocht, ook nog in de nacht optreden, wees dus alert!
  5. Dehydratie versnelt hyperglykemie en ketoacidosis
  6. Bestaande retinopathie kan worden verergerd
  7. De combinatie van sommige geneesmiddelen en insuline kan problemen geven. Raadpleeg vooraf je arts.

Voor artsen

Een instabiele diabetes type I vormt een absolute contra-indicatie. Een bestaande diabetes (beide typen) die goed gereguleerd is hoeft een hoge tocht niet te belemmeren. Ervaringen wijzen echter uit dat andere voeding en een meestal radicaal gewijzigd activiteitenpatroon toch dikwijls leiden tot grotere schommelingen in het bloedglucosegehalte. Alleen patiënten die ervaren zijn in het betrouwbaar meten van hun eigen waarden en het vervolgens ondernemen van noodzakelijke acties wordt een hoge tocht niet afgeraden. Men dient de patiënt erop te wijzen dat sommige glucosemeters op hoogte onjuiste (meestal te lage en soms te hoge) waarden aangeven, zodat lichaamssignalen nog belangrijker worden dan meteruitslagen. Insuline en glucagon moeten tegen hitte en bevriezing beschermd worden. Kortwerkende insulines verdienen de voorkeur boven langwerkende, gezien de genoemde grotere fluctuaties in het bloedglucosegehalte op hoogte. Tochtgenoten moeten worden geïnformeerd en geïnstrueerd. Tegen het preventief (tegen hoogteziekte) gebruik van acetazolamide door diabetici wordt gewaarschuwd, vanwege het daardoor toenemende risico op ketoacidose.

Tot slot is vooraf onderzoek van de retinavaten gewenst wegens het op hoogte verhoogde risico op retinabloedingen

Neurologische aandoeningen

Er zijn diverse neurologische ziekten die op hoogte kunnen worden ‘uitgelokt’ dan wel waarmee men beter niet op hoogte kan verblijven. Raadpleeg altijd je arts als je te maken hebt gehad met een van de volgende ziekten.

  1. Hersenbloedingen
  2. Geheugenstoornissen
  3. Epilepsie
  4. Hersentumoren
  5. Migraine
  6. Zenuwverlammingen
  7. Oogoperaties
  8. Slaapapneu

Hierna wordt kort iets gezegd over de hierboven genoemde ziekten/klachten.

Ad 1. Hersenbloedingen

Anatomische afwijkingen in de hersenbloedvaten, zoals een lokale verwijding of een stenose, zijn een reden om niet te klimmen. Het risico op tijdelijke doorbloedingsstoornissen (TIA’s), rupturen en dodelijke bloedingen is aanwezig. Mensen die eenmaal een hersenbloeding gehad hebben moeten niet meer klimmen boven de 2500 meter.

Ad 2. Geheugenstoornissen

Voorbijgaande stoornissen in de geheugenfunctie worden dikwijls gezien bij klimmers op grote hoogte (boven de 6000 meter). Dit gaat gelukkig vrijwel altijd over na afdaling.

Ad 3. Epilepsie

Epileptische aanvallen kunnen door inspanning, kou, hyperventilatie door gebrek aan zuurstof, spanning worden uitgelokt. Mensen met epilepsie die dit eerder hebben meegemaakt moeten niet meer klimmen boven de 2500 meter zonder instemming van hun neuroloog. Neem altijd middelen mee om een aankomende aanval tijdig te couperen, ook als je al jaren geen aanvallen meer hebt gehad.

Ad 4. Hersentumoren

Mensen met een hersentumor zijn in de hoogte zeer gevoelig voor hersenoedeem. Een niet bekende tumor kan soms aan het licht komen op hoogte. Helaas valt hier dikwijls niet meer van te zeggen dan dat patiënten die aan hersenziekten lijden niet moeten klimmen.

Ad 5. Migraine

Mensen met migraine zijn op hoogte mogelijk iets kwetsbaarder voor het uitlokken van aanvallen. Voldoende medicijnen meenemen! Overigens kan de hoofdpijn die je bij acute hoogteziekte krijgt erg veel op een migraineaanval lijken, zodat ook niet-migrainepatiënten soms denken dat ze deze ziekte plotseling hebben gekregen. Dat is meestal niet het geval. Als een migraineaanval niet reageert op de gebruikelijke middelen moet je aannemen dat je hoogteziekte hebt.

 Ad 6. Zenuwverlammingen

Deze komen soms voor op grotere hoogte, een enkele keer ook op gemiddelde hoogte. Worden nogal eens gezien bij aangezichtszenuwen. Een zenuwverlamming gaat vrijwel altijd weer over na afdaling; dit kan soms weken tot maanden duren.

Ad 7. Oogoperaties

Na een oogoperatie (in het bijzonder wanneer een zogenaamde radiale keratotomie of een laser keratectomie is uitgevoerd) kan op hoogte oedeem van de cornea optreden, waardoor het gezicht soms tijdelijk volledig kan verdwijnen. Het is verstandig om na elke operatie aan het oog een specialist te raadplegen als men hoogteplannen heeft.

Ad 8. Slaapapneu

Hoewel niet aangetoond in veldstudies lijkt het waarschijnlijk dat bij patiënten die lijden aan slaap-apnoe, de door hypoxie getriggerde versterking daarvan een relatieve contra-indicatie voor een hoge tocht is.

Oogziekten

Bestaande oogziekten moeten altijd vóór een bergtocht door een specialist beoordeeld worden. Naast de bekende problematiek van keratitis door zeer hoge UV-belasting en het ‘droge ogen probleem’ (door afname van de traanproductie en meer dan gemiddelde verdamping, soms verergerd door bepaalde geneesmiddelen) worden ook meer zeldzame en nieuw opkomende problemen vermeld. Hoewel tegen het overdag (niet ‘s nachts) dragen van zuurstofdoorlatende harde of zachte contactlenzen op hoogte geen absolute bezwaren bestaan, maken de extreem droge lucht (minder traanvocht tussen lens en cornea), vrieskou (bevriezen van lensvloeistof), stof (grotere kans op cornea beschadiging) en moeilijk vol te houden maar noodzakelijke schoonmaakhygiëne (grotere kans op ontsteking van de cornea) dit toch niet aanbevelenswaardig. Indien men desondanks met lenzen wil klimmen is het in de EHBO-kit opnemen van antibiotische oogdruppels aan te bevelen.

Een bekend fenomeen op hoogte zijn de retinabloedingen, die zeker boven 4000 meter veel en meestal ongemerkt (soms treedt tijdelijk en zelden permanent gezichtsverlies op) aanwezig zijn, maar die vrijwel altijd restloos genezen, al kan dat soms maanden in beslag nemen. Eveneens bekend zijn de tijdelijke maar soms ernstige visusstoornissen die optreden bij klimmers die in het verleden een radiale keratotomie (PRK) hebben ondergaan. Van recenter datum zijn de negatieve ervaringen die zijn opgedaan door klimmers na laser keratectomie (LASIK). Casuïstiek laat zien dat ook hier een verhoogd risico bestaat op gestoorde visus door veranderingen in het cornea oppervlak. Intra-oculair geplaatste lenzen na cataract geven voor zover thans bekend geen problemen op hoogte. Glaucoom, en met name sommige geneesmiddelen die daarbij worden voorgeschreven (β-blokkers in oogdruppels) kan op hoogte tot problemen leiden; aanbevolen wordt om op een ander middel (als acetazolamide) over te schakelen. Bestaande afwijkingen aan het netvlies leiden, door de soms sterke stijging van de bloeddruk bij inspanning, tot een verhoogd risico op bloedingen.

Nierziekten

Nierziekten kunnen op hoogte problemen veroorzaken, omdat goede nieren nodig zijn bij het acclimatisatieproces. Altijd de arts raadplegen.

Voor artsen

De nieren spelen, in samenspel met andere regulatiemechanismen, onder hypoxische omstandigheden een cruciale rol bij de regulatie van het zuur-base evenwicht en het handhaven van een optimale vochtbalans. Het betreft hier een complexe strijd tussen deze beide functies, immers de eerste zou leiden tot uitscheiden van bicarbonaat en dus vochtverlies in een poging de door hypoxie veroorzaakte alkalose te compenseren, maar de tweede zou juist vochtretentie nastreven in een poging de op hoogte vrijwel altijd voorkomende dehydratie te bestrijden. Onder extremere omstandigheden wordt door de nieren aan de vochtbalans een hogere prioriteit gegeven, maar de variatie in respons tussen mensen is groot en van vele externe factoren afhankelijk. Een algemeen advies valt dan ook niet te geven, zij het dat mensen met (nier)ziekten die gevolgen hebben voor de genoemde processen, de extra stress die door hypoxie veroorzaakt wordt beter kunnen vermijden.

Hoogteacclimatisatie

Levamondo vof | BTW nummer: BE84424911959159 | Bergstraat 24, 1850 Grimbergen | T: +32(0)2 588 20 72 | E-mail: info@levamondo.com